Meningen verschillen, oneens zonder ruzie

De één vindt iets grappig, de ander irritant.
De één vindt een regel eerlijk, de ander totaal niet.

Dat mensen verschillend denken is normaal. Maar wat gebeurt er als je het écht niet met elkaar eens bent?

In deze les ontdek je hoe je jouw mening kunt geven, naar een ander kunt luisteren en het oneens kunt zijn zonder dat je elkaar hoeft aan te vallen.

Wat ga je leren?

Na deze les:

  • kun je jouw mening uitleggen met een argument;
  • kun je luisteren naar iemand die anders denkt;
  • herken je het verschil tussen een mening en een aanval;
  • kun je doorvragen om een ander beter te begrijpen;
  • weet je dat je iemand kunt respecteren zonder het met diegene eens te zijn.

Duur

45 minuten

Benodigdheden

  • ruimte om een lijn in het lokaal te maken;
  • eventueel de stellingen op het digibord;
  • papier of schrift voor de afsluiting.

1. Sta op de lijn | 8 minuten

Maak een denkbeeldige lijn door het lokaal.

De ene kant betekent:

HELEMAAL EENS

De andere kant:

HELEMAAL ONEENS

Het midden betekent:

IK WEET HET NIET / ERGENS ERTUSSENIN

Lees een aantal stellingen voor.

Stelling 1

Huiswerk in het weekend zou verboden moeten zijn.

Stelling 2

Als iemand te laat komt, moet daar altijd dezelfde straf voor gelden.

Stelling 3

Een docent mag een hele klas straffen voor iets wat een paar leerlingen hebben gedaan.

Stelling 4

Je moet altijd eerlijk zeggen wat je ergens van vindt.

Stelling 5

Als de meerderheid iets wil, moet dat gebeuren.

Laat leerlingen na iedere stelling een plek kiezen.

Vraag steeds enkele leerlingen:

Waarom sta jij daar?

Belangrijk:

Leerlingen reageren nog niet op elkaar. Ze luisteren alleen.

Vraag daarna:

Stond iedereen telkens op dezelfde plek?

Waarschijnlijk niet.

En toch hoorden jullie allemaal precies dezelfde stelling.

2. Mening of aanval? | 7 minuten

Bekijk deze twee reacties:

“Ik ben het niet met je eens, omdat ik denk dat…”

en

“Dat slaat echt helemaal nergens op.”

Beide mensen zijn het niet eens.

Maar ze zeggen het op een heel andere manier.

Bespreek:

  • Welke reactie nodigt uit om verder te praten?
  • Bij welke reactie ga je jezelf waarschijnlijk verdedigen?
  • Wat is eigenlijk het verschil?

Bekijk daarna deze uitspraken.

“Wat jij zegt is echt dom.”

“Ik denk daar anders over.”

“Hoe kun je dat nou vinden?”

“Kun je uitleggen waarom je dat vindt?”

“Jij begrijpt er duidelijk niets van.”

“Ik snap je argument, maar ik kom toch tot een andere conclusie.”

Laat leerlingen bepalen:

Helpt deze zin het gesprek verder of stopt hij het gesprek juist?

Onthoud

Je mag een mening stevig bestrijden.

Maar dat is iets anders dan de persoon aanvallen die de mening heeft.

3. Eerst begrijpen | 8 minuten

Werk in tweetallen.

Leerling A krijgt één minuut om antwoord te geven op:

Wat zou jij op school veranderen als jij één dag de baas was?

Leerling B mag nog geen eigen mening geven.

B mag alleen:

  • luisteren;
  • vragen stellen;
  • proberen te begrijpen waarom A dit vindt.

Gebruik bijvoorbeeld:

Waarom vind je dat?

Wat zou daardoor beter worden?

Voor wie zou dat fijn zijn?

Zou daar ook een nadeel aan zitten?

Na één minuut vat B samen:

“Als ik jou goed begrijp, vind jij dat…”

A mag alleen aangeven of de samenvatting klopt.

Daarna wisselen de rollen.

Bespreek kort:

Hoe was het om eerst echt te moeten luisteren zonder meteen jouw eigen mening te geven?

4. De meningentest | 12 minuten

Maak groepjes van drie of vier leerlingen.

Kies één van de volgende situaties.

Situatie 1: Telefoons op school

Een school wil telefoons de hele schooldag verbieden.

Sommige leerlingen vinden dit goed omdat er dan minder afleiding is.

Andere leerlingen vinden dat je in de pauze zelf moet mogen bepalen wat je met je telefoon doet.

Wat vinden jullie?

Situatie 2: Schoolfeest

Er is geld voor één groot schoolfeest óf voor meerdere kleinere activiteiten verspreid over het jaar.

Waar moet het geld naartoe?

Situatie 3: Sportdag

Een school organiseert elk jaar een verplichte sportdag.

Sommige leerlingen vinden dat iedereen gewoon moet meedoen.

Andere leerlingen vinden dat leerlingen ook een creatieve of andere activiteit moeten kunnen kiezen.

Wat vinden jullie?

Situatie 4: Kleding

Een school wil strengere regels invoeren over welke kleding wel en niet geschikt is op school.

Moet een school hierover regels mogen maken?

Iedere leerling geeft eerst zijn of haar eigen mening.

Gebruik daarbij:

Ik vind…

Omdat…

Daarna kiest iemand uit de groep een mening waar hij of zij het niet mee eens is.

Reageer met:

Ik begrijp dat jij vindt…

Ik denk er anders over, omdat…

Mijn vraag aan jou is…

De uitdaging

Probeer iemand niet te overtuigen.

Probeer eerst te begrijpen waarom diegene anders denkt.

5. Kunnen beide kanten een punt hebben? | 7 minuten

Kies één situatie uit het vorige onderdeel en bespreek deze klassikaal.

Maak op het bord twee kanten.

Bijvoorbeeld:

Telefoons verbiedenTelefoons toestaanMinder afleidingEigen verantwoordelijkheidMeer contactBereikbaar blijvenRustiger in schoolOntspanning in de pauze

Vraag:

Kunnen aan beide kanten goede argumenten staan?

En daarna:

Betekent dat dat er geen beslissing genomen kan worden?

Bespreek dat er in een klas, school en samenleving vaak toch keuzes moeten worden gemaakt terwijl mensen het niet allemaal eens zijn.

Daarom hebben we manieren nodig om:

  • naar elkaar te luisteren;
  • argumenten af te wegen;
  • afspraken te maken;
  • besluiten te nemen;
  • en te accepteren dat je niet altijd je zin krijgt.

 


 

6. Tot slot | 3 minuten

Maak individueel de volgende zinnen af:

Als iemand het niet met mij eens is, reageer ik meestal…

Goed luisteren betekent voor mij…

Een zin die ik kan gebruiken als ik het oneens ben is…

En kies één van deze zinnen om te onthouden:

“Ik denk daar anders over, omdat…”

“Kun je uitleggen waarom je dat vindt?”

“Als ik jou goed begrijp, zeg je…”

“Ik snap jouw argument, maar…”

Onthoud

Respect hebben voor iemand betekent niet dat je het met diegene eens moet zijn.

Je kunt stevig van mening verschillen en toch naar elkaar luisteren.

Sterker nog:

Juist wanneer we verschillend denken, wordt goed luisteren belangrijk.